Studiebeurzen en -stages

Opleiding, kennisoverdracht en vaardigheden aanleren zijn essentiële activiteiten om de partnerlanden in staat te stellen hun eigen ontwikkeling in handen te nemen en de armoede te bestrijden.

Daarom zijn studie- en stagebeurzen voor onderdanen van de partnerlanden een essentiële component van de Belgische ontwikkelingssamenwerking.

Dankzij die beurzen kunnen verschillende actoren hun competenties en beroepscapaciteiten via universitaire studies (master en doctoraat) of stages en studiereizen. Die opleidingen vinden plaats in hun land van herkomst, in de andere partnerlanden of in België.

Soorten beurzen

  • Studiebeurzen worden in de eerste plaats toegekend om universitaire opleidingen van de derde cyclus te financieren. In het algemeen lopen die beurzen gedurende 1 of 2 academiejaren.
  • Gemengde doctoraatsbeurzen gaan hoofdzakelijk naar doctoraatstudenten. Dit type beurs dekt in principe de 16 maanden die de beursstudent in België doorbrengt om zijn onderzoek te voltooien (16 maanden te verdelen over vier verblijven voor een periode van maximaal vier jaar).
  • De stagebeurzen, met een verblijf in België van gemiddeld één tot zes maanden, worden meestal toegekend aan deskundigen die actief zijn in ontwikkelingsprojecten.
  • De studiebezoeken laten partners die werkzaam zijn in lopende samenwerkingsprestaties kennismaken met een relevante Belgische bedrijfstak of overheidssector.

Kerncijfers

  • 31% van de beurzen wordt toegekend aan vrouwen
  • > 1.000 beurzen per jaar in België
  • > 4.000 lokale beurzen

De opleidingsdomeinen

  • Medische en farmaceutische wetenschappen: 14%
  • Economische wetenschappen: 15%
  • Wetenschappen en toegepaste wetenschappen: 18%
  • Pedagogische en psychosociale wetenschappen: 12%
  • Landbouw- en diergeneeskundige wetenschappen: 13%
  • Infrastructuur: 14%
  • Rechten: 3%
  • Energie/Milieu: 6%
  • Andere: 5%

Afkomst van de bursalen

De bursalen komen uit meer dan 25 landen, maar voornamelijk (98,5%) uit de 18 partnerlanden van de Belgische ontwikkelingssamenwerking.

  • Maghreb & Palestina: 20%
  • Azië: 11%
  • Latijns-Amerika: 6%
  • Afrika (Engelstalig): 15%
  • West-Afrika: 15%
  • Burundi, Rwanda, Congo (DR): 31 %
  • Niet-partnerland: 2%