Van bendelid tot psycholoog

Jean-Pierre is een negentienjarige Peruaan die psychologie studeert aan een van de universiteiten van Lima. Enkele jaren geleden zag zijn toekomst er compleet anders uit: hij was een drugsverslaafd bendelid met een voorwaardelijke veroordeling van acht maanden voor diefstal. Dankzij de opvang en begeleiding van een gespecialiseerde therapeutische dienst is Jean-Pierre nu terug op het rechte pad.

 

Hij is lang niet de enige in deze situatie. In Callao, de havenzone naast Lima, waar hij opgroeide, leeft 20% van de bevolking in armoede. Callao is ook een transitzone voor drugs die het land verlaten. Het mag dan ook niet verwonderen dat de schoolgaande jeugd daar erg kwetsbaar is.

Volgens een studie van Devida* uit 2007 zouden 600.000 humaniorastudenten mentale of fysieke gezondheidsrisico’s lopen, tengevolge van gebruik van legale drugs zoals alcohol en tabak. Meer dan 62.000 studenten, gebruikers van illegale drugs, zouden aan dezelfde risico’s worden blootgesteld.

Jean-Pierre volgde met succes een vrijwillige therapie van elf maanden in een gespecialiseerd open centrum (CADES-Callao). Op die manier kon hij contact houden met zijn familie en zijn middelbare studies afmaken. Net als 18 andere centra in vier provincies, werd CADES-Callao geselecteerd voor het pilootproject van het Belgisch-Peruaanse programma, in het kader van het nationaal preventieplan. Wat het centrum zo bijzonder maakt, is het open en vrijwillige karakter. Het centrum rekent op de wilskracht van de patiënten om hun rehabilitatie in eigen handen te nemen. De therapie is zwaar en garandeert geen succes, maar beperkt toch het risico dat de gerehabiliteerde patiënt hervalt.

In het kader van het Belgisch-Peruaans programma voor drugspreventie en rehabilitatie van drugsverslaafden, kregen deze centra materiële en organisatorische steun. Het programma bood ook uiteenlopende vormingsmogelijkheden voor de ambtenaren en de sociaal werkers. En de Peruaanse regering kan nu een nationale diagnose stellen van de problematiek via het Peruaans drugsobservatorium, om dan vervolgens een doeltreffend nationaal plan voor preventie en rehabilitatie op te stellen.

Vandaag gelooft Jean-Pierre weer in zichzelf en wil hij zich via zijn studie specialiseren in de verslavingsproblematiek. Als ervaringsdeskundige kan hij dan op zijn beurt mensen helpen die aan een verslaving lijden. Hij beseft als de beste hoe belangrijk een goede begeleiding is en hoeveel moed en doorzettingsvermogen nodig zijn om uit deze negatieve spiraal te geraken.

Feiten en cijfers

  • Het programma voor drugspreventie en rehabilitatie van drugsverslaafden (2007-2011) wordt gefinancierd door België en Peru (2.612.500 euro).
  • In 2010 kostte de drugsproblematiek de Peruaanse staat 444 miljoen dollar (312 miljoen euro), of 0.2% van het bbp. 
  • Naast technische en organisatorische steun aan de centra voor geestelijke gezondheidszorg, organiseert het programma preventieactiviteiten op scholen en universiteiten, voert het sensibiliseringscampagnes en verleent het technische en materiële steun aan centra voor delinquenten. 
  • Tussen 2004 en 2010 bood het CADES-Callao professionele begeleiding aan 3100 mensen. De preventieactiviteiten bereikten in totaal 6500 mensen, en respectievelijk 483 en 30 patiënten werden behandeld en gerehabiliteerd.
  • Dankzij het programma voor drugspreventie en rehabilitatie van drugsverslaafden (2007-2011) konden ook 13 professionals uit de sector van de geestelijke gezondheidszorg aangeworven en opgeleid worden: 10 psychologen, 2 psychiaters en 1 sociaal werkster.

* Devida: Nationale commissie voor ontwikkeling en een leven zonder drugs.